Het is belangrijk dat men overgewicht of obesitas verliest, maar dan wel voornamelijk in de vorm van vet. Bij het volgen van een ongecontroleerd streng dieet vliegen de kilo's er meestal eerst als vocht af. Maar daarna raakt men mogelijk, naast vet teveel spiermassa kwijt. Bij een stabiel gewicht kan men ongemerkt toch vet opslaan, omdat dan de vetmassa de magere massa vervangt. En als de spiermassa minder wordt, verbruikt men weer minder energie en gaat het lichaam nog zuiniger met de aangeboden calorieën om. Men verbruikt dan weer minder calorieën en valt daardoor niet meer af. Uiteindelijk is er grote mogelijkheid zelfs weer zwaarder te worden. Dat is het z.g. "jo-jo effect".
Per afgevallen kilo zou u niet meer dan 25-30 procent magere massa mogen verliezen. Als dit meer is, dient u de hoeveelheid eiwitten in uw voeding evenals de z.g. langzame koolhydraten uit bvb pasta en rijst te verhogen. En niet te vergeten uw lichamelijk activiteit te verbeteren om een grotere spieropbouw te verkrijgen. Om deze gegevens te controleren, meten sportcentra en of diëtisten reeds jaren de hoeveelheid vet- spier- en botmassa die de cliënt heeft en de eventuele verandering ervan gedurende een sport-en of dieetcursus.
Men kan daardoor niet alleen werken aan een lager gewicht, maar ook aan een slanker spiegelbeeld en een gezondere samenstelling van het lichaam op lange termijn. Als het meten van uw vetpercentage bij een sportschool of een diëtist niet electronisch kan worden gedaan, vraag dan om een zeven-punts-huidplooimeting: triceps en biceps (armen), borst, schouders, buik, heupen en dijen. Dit in plaats van de gebruikelijke vier-punts-huidplooimeting omdat het gemeten percentage bij de laatste genoemde methode meestal niet met de werkelijkheid overeenkomt. Omdat de metingen van buik, heupen en bovenbenen het eindresultaat dikwijls zeer negatief kunnen beinvloeden zijn dit zeer essentiële punten.
Ook komen er tegenwoordig steeds meer electronische vetmeters op de markt voor huishoudelijk gebruik. Kies daarbij dan wel voor een bekend en gecontroleerd merk om een betrouwbare meting te verkrijgen. En pas op met uw conclussies trekken, schommelingen in het gewicht en het soms zelfs even wat aankomen... dit kan heel veel oorzaken hebben. Het gewicht is namelijk altijd maar een momentopname en afhankelijk van veel factoren zoals, tijdstip van de dag, temperatuur, net gegeten of niet en wat, genoeg gedronken of niet, laatste toilet bezoek, vocht vasthouden of niet. Menstruatie in zicht etc. Bovendien zijn effecten van training en of verandering in het voedingspatroon soms pas na weken merkbaar. Kortom, wijsheid is, om niet te dikwijls te wegen en er zeker niet telkens direct een misschien verkeerde conclussie aan te verbinden. Advies, niet meer dan één keer per week op hetzelfde tijdstip van de dag wegen.
(overgenomen met schriftelijke toestemming van:www.afslanken.com)
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief




